Landbouw en natuur verweven: twee agro-ecologische boerinnen in gesprek

Artikel doelgroep
Publicatiedatum
Afbeelding
Afbeelding
© De Kleibeek / Zilt en Zoet
Inleiding

Twee boerinnen, één passie: voedsel telen met de natuur mee. We leerden Tine Van Ackere en Julie Van Overmeire kennen tijdens de meewerkdagen van De Landbouwbrigades, een initiatief van Solidagro, Wervel en FIAN. Die meewerkdagen passen perfect in de visie van Tine en Julie, die geloven dat naast de natuur ook de burger deel uitmaakt van een duurzaam landbouwverhaal.

De avond valt in de gezellige woonkamer van Tine in Sint-Pauwels. We bezoeken het door haar en haar man Dirk geleide bedrijf De Kleibeek, waar slingerende paadjes de weg leidden naar een enorme serre vol agro-ecologisch geteelde groenten. Samen met boerin en bedrijfsleidster Julie van Zilt en Zoet gaan we in gesprek over de boerinnenstiel.

Julie en Tine delen een groot hart voor het milieu en artisjok als favoriete groente, maar hun achtergrond is heel verschillend. Tine groeide op tussen de koeien in de conventionele veeteelt, Julie was een stadskind met een groot milieubewustzijn. Bij Tine speelde de drang om het anders aan te pakken dan haar ouders, bij Julie – na tien jaar milieueducatie voor kinderen – om praktisch aan de slag te gaan. Ze volgde de opleiding Biodynamische landbouw bij Landwijzer, deed ervaring op bij een CSA-bedrijf (community supported agriculture) en stampte in 2020 de samentuin Zilt & Zoet uit de grond in Melsele.

 

Natuur meenemen in het verhaal

In hun groenteteelt zetten beide boerinnen volop in op agro-ecologie, of zoals Tine het zegt “met de natuur mee boeren en zo weinig mogelijk schade aanrichten”. De Kleibeek is biologisch en heeft op het grote terrein tal van landschapselementen - kleine bosjes, hokken voor geitjes en zelfs een beek - voor meer biodiversiteit. Die was er weinig toen Tine in 2013 met haar man de grond kocht, inclusief een reusachtige serre.
 

Een deel van de serre van De Kleibeek. Het plantseizoen is er net begonnen. (februari 2024)
Een deel van de serre van De Kleibeek. Het plantseizoen is er net begonnen. (februari 2024) © De Kleibeek

 

In de serre werden sierplantjes geteeld op substraat, een mengeling van potgrond en kunstmest die niet in contact komt met de echte bodem. Dus moest de oorsprong van alles, de bodem, terug licht en leven krijgen. Tine: “Het heeft een paar jaar geduurd, maar nu zit de bodem vol leven. We hebben de serre zo ingedeeld dat er binnenin ook veel biodiversiteit kan ontstaan. We gebruiken niet enkel de bodem, maar plantten ook klimplanten zoals druivenranken en kiwiplanten om de serre zoveel mogelijk te benutten. Kippen scharrelen er soms om schadelijke insecten op te eten.”

Julie onderschrijft de waarde van biodiversiteit: “In de landbouw is het belangrijk om de natuur mee te nemen in het verhaal. Om een voorbeeld te geven: biodiversiteit stimuleren helpt je in de praktijk, want bepaalde insecten helpen je gewassen proper te houden of bestuiven, en zo verder. Voor mij is agro-ecologie ook meer genereren dan je afneemt.”
 

Biodiversiteit bij Zilt en Zoet
Biodiversiteit bij Zilt en Zoet © Zilt en Zoet

 

Net als Tine moest Julie werken aan een levende bodem voor ze kon beginnen met telen. Ze huurt een perceel waar op industriële schaal tomaten waren gekweekt. Met compost verhoogde ze de organische stof in de bodem. Regenwormen, schimmels, bacteriën, alles kwam terug. Wanneer de planten die we eten meer voedingsstoffen opnemen, wat het geval is bij planten in volle, vruchtbare grond, worden ze voedzamer. Volgens Tine onderschatten we het belang van een gezonde bodem. “Ik vermoed dat we in de komende decennia ziektes gaan tegenkomen die te herleiden zijn tot de teloorgang van de bodems waarop we ons voedsel telen.”

 

Gedeelde oogst, gedeelde risico’s

Agro-ecologie heeft ook een sociale pijler: boeren krijgen een eerlijk loon, burgers zijn meer betrokken bij de landbouw. De Kleibeek ligt pal in het dorpscentrum van Sint-Gillis-Waas en maakt deel uit van de gemeenschap. “We zetten veel in op verbinding met de omgeving. We zetten onze deur vaak open. De mensen die in de winkel kopen, kunnen altijd gaan kijken op het perceel. We doen ook regelmatig activiteiten, in de hoop het respect voor landbouw en natuur te vergroten. Binnenkort wordt De Kleibeek ook een zorgboerderij.”

Foto genomen tijdens een meewerkdag op De Kleibeek (2022
Foto genomen tijdens een meewerkdag op De Kleibeek (2022) © De Kleibeek

“Onze klanten maken niet enkel de bewuste keuze voor ecologie, maar ook voor een eerlijk loon voor de producent.” Julie, Zilt en Zoet

Zilt en Zoet is dan weer een samentuin waar vrijwilligers leren tuinieren op een ecologische manier. Er zijn scholen die komen helpen, maar ook mensen die de stad even willen ontvluchten. Julie: "Het is bewezen dat met de handen in de aarde zitten je welzijn verbetert en je stressniveau verlaagt. Daarom ben ik voor méér mensen in de landbouw, maar dan wel het soort landbouw waarbij ze op handen en knieën werken en niet dagenlang in een tractor zitten."
 

De oogst bij Zilt en Zoet is een team effort.
De oogst bij Zilt en Zoet is een team effort © Zilt en Zoet

 

Daarnaast dragen de klanten mee de risico’s van het bedrijf: een 100 tot 200 klanten kopen aan het begin van het seizoen een groente-aandeel en eten het hele seizoen met de boerderij mee. “Dat vind ik zo mooi aan het CSA-model (community supported agriculture). Wanneer bijvoorbeeld een prei-oogst mislukt, dan hebben ze in het groentepakket geen prei. Het risico is gedeeld. En ik kan zelf de prijs bepalen.”

De gemiddelde Belg geeft 110 euro uit aan verse groenten op een jaar, bij Zilt en Zoet betaal je 680 euro. De klanten kiezen zo naast ecologie voor een eerlijk loon voor de producent. “Dat systeem maakt Zilt en Zoet levensvatbaar, ondanks haar kleine schaal: we hebben maar een halve hectare groenten, kruiden en eetbare bloemen.”

 

Een onzekere, zware stiel …

Dat veel landbouwers lijden onder het gebrek aan een eerlijk inkomen, werd eerder dit voorjaar duidelijk. Boeren en boerinnen trokken de straat op om aan de alarmbel te trekken. De rust is nu teruggekeerd, maar er blijven onzekerheden. Tine begrijpt het protest van de landbouwers, die “werken in een zware stiel waarvoor ze veel moeten opgeven”. Wel legt ze uit dat haar realiteit als boerin er anders uitziet dan die van vele boeren die een grootschalig bedrijf overnemen van familie. “Ik ben zelf een klein bedrijf gestart en verkoop groenten- en fruitabonnementen waarvoor onze klanten een juiste prijs geven. Ook heb ik nog een andere job. Ik kamp niet met die immense onzekerheid die zoveel boeren op straat doet komen.”

Tine Van Acker: “Ik begrijp de protesten. Veel landbouwers kampen met een immense onzekerheid. Het is een zware job waarvoor je veel moet opgeven.” Foto Brieuc Van Elst tijdens het boerenprotest van 1 februari 2024 in Brussel.
Tine Van Ackere: “Ik begrijp de protesten. Veel landbouwers kampen met een immense onzekerheid. Het is een zware job waarvoor je veel moet opgeven.” Foto Brieuc Van Elst tijdens het boerenprotest van 1 februari 2024 in Brussel.

 

Nochtans is er ook bij agro-ecologische boeren onzekerheid, vult Julie aan. Net als verschillende andere afgestudeerden bij Landwijzer, komt ze niet uit een landbouwfamilie met grondbezit en was het na de studie een groot vraagteken waar ze grond kon vinden en hoe ze die kon financieren. “Om grondzekerheid te hebben, moet je al een flink budget hebben. Wij huren het stuk, dus we zijn niet zeker. Dat laat zich voelen in de praktijk: de eigenaar staat niet zo open voor bomen die we aanplanten. Dat is een groot obstakel om mijn ideaalbeeld van het landbouwbedrijf waar te maken. Een grond kopen is zeker ook niet evident, al zijn er wel organisaties als De Landgenoten die daarbij helpen.”

“Ik denk dat veel meer mensen terug aan landbouw moeten doen, en op een kleinere schaal.” Julie Van Overmeire (Zilt en Zoet)

Julie gelooft sterk dat er veel meer mensen nodig zijn die in de landbouw werken, zoals vroeger het geval was. De laatste jaren zijn er veel bedrijven verdwenen door boeren die met pensioen gingen of die opgeslokt werden door grotere bedrijven. Zo is er ook een verlies van diversiteit in de landbouwbedrijven. "De toekomst van de landbouw is er een waar meer kleinschalige boeren de huidige landbouwgrond bewerken."

 

… maar wel de mooiste die er is

Wie eraan denkt te gaan boeren, moet als je het Julie en Tine vraagt niet twijfelen. Ondanks de onzekerheden, is het een ongelofelijk mooi en belangrijk beroep.

Julie: “Het buiten werken doet deugd en als boer werk je ook met de seizoenen mee: in de winter heb je vakantie, dan begin je op te bouwen in de lente en in de zomer werk je heel hard aan de oogst. Ook het aspect van samen werken op het veld is heel verbindend.”

Tine: “Ik ben fier om boerin te zijn, want ons voedsel is de basis van de dingen. Ik voel me goed als ik op mijn knieën zit tussen mijn plantjes en kan planten en oogsten. Ik kan echt trots zijn op de producten die eruit voortkomen. Met je handen in de grond zitten helpt ook om ‘uit je hoofd’ te komen, wat we allemaal meer zouden moeten doen.”

Eens proeven van het werk op het veld? Doe mee aan een of meer meewerkdagen van De Landbouwbrigades, een initiatief van Voedsel Anders-leden Solidagro, Wervel en FIAN.

Of meteen een stap verder gaan en een opleiding volgen? Klik hier voor meer info over het leertraject van Voedsel Anders-lid Landwijzer.