Terugblik op Kiemkracht, het festival voor agro-ecologie

Artikel doelgroep
Publicatiedatum
Afbeelding
Afbeelding
Kiemkracht 2024
Inleiding

Zaterdag 9 maart gonsde het in de wirwar van gangen en zalen van de Vooruit in Gent. Kiemkracht was er neergestreken, een festival over voedsel, boeren en burgers. Bezoekers konden deelnemen aan een waaier van debatten, workshops, films, voorstellingen, wandelingen, kunstinstallaties, noem maar op. Het festival was een geslaagde samenwerking tussen Ecopolis, VIERNULVIER, Denktank Oikos en Voedsel Anders.

Kiemkracht was niet zomaar een festival over voedselproductie. De dag stond helemaal in het teken van agro-ecologie. Dat is een manier van aan landbouw doen die helemaal duurzaam is, gezonde voeding oplevert en waarbij kennis en welzijn van de boer centraal staan.

Een zeer actueel thema dus. Maar in tijden van boerenbetogingen, nakende verkiezingen en de daarmee gepaard gaande overhaaste beleidsbeslissingen, dreig je alle hoop te verliezen. “Het is een ingewikkeld moment om optimistisch te zijn”, vond ook Tomaso Ferrando (Universiteit Antwerpen) tijdens de talk ‘Voedsel als koopwaar & commons’. Maar niet iedereen protesteert tegen hetzelfde, was zijn vaststelling. “Boeren komen op straat omdat hun vrijheid wordt beknot. Sommigen protesteren tegen de bureaucratie, het overheidsbeleid en de milieuregels. Anderen vullen die vrijheid anders in en verzetten zich tegen de hypercompetitiviteit, de verwoestende wereldhandel en de veel te lage prijzen die ze voor hun producten krijgen.”

"Toegang tot gezonde voeding is een mensenrecht. Het gangbare voedselsysteem gooit die dimensie overboord en ziet voedsel louter als koopwaar." - Pablo Tittonell

“Voedsel heeft veel dimensies”, stelde Pablo Tittonell (Universiteit van Groningen) tijdens datzelfde debat: “Het is een gemeenschappelijk goed, essentieel voor het leven. Toegang tot gezonde voeding is een mensenrecht. Het gangbare voedselsysteem gooit al die dimensies overboord en ziet voedsel louter als koopwaar.” En dat heeft nare gevolgen.

Niet in de laatste plaats voor de landbouw zelf, aldus Meino Smit, boer en onderzoeker aan de Universiteit van Wageningen. “Landbouw brengt zichzelf in gevaar want dit systeem helpt de bodemvruchtbaarheid om zeep. Bovendien wordt de landbouw bedreigd door de vervuiling die industrie en verkeer veroorzaken.” Smit benadrukte de enorme inefficiëntie van ons technologisch voedselsysteem. “De productie van kunstmeststoffen, pesticiden en mechanisatie vergt veel energie maar dat wordt nooit in rekening gebracht.” Hij is niet gekant tegen technologie, maar het wordt volgens hem om de verkeerde redenen ingezet. “We hebben niet zozeer technologie nodig om arbeid te besparen, wel om het werk prettiger te maken. Duurzame landbouw zal gepaard gaan met meer arbeid maar we willen geen boeren met kromme ruggen. Daar kan technologie bij helpen.”

 

Van polarisatie naar verbeelding

De polarisatie rond landbouwthema’s is groter dan ooit. Hoe moeten we dat overbruggen? Kiemkracht bracht kritische burgers en jonge boeren samen om, onder de deskundige begeleiding van Rikolto, straffe stellingen te bespreken. Pesticiden, intensieve veeteelt, schaalvergroting... het kwam allemaal aan bod, zonder enig taboe. De honger naar dialoog bleek groot. Echte dialoog wel, geen debatten met winnaars en verliezers, maar gesprekken waarbij mensen elkaar in de ogen kijken en echt naar elkaar luisteren. “Zo komen we op nieuwe ideeën om de uitdagingen aan te pakken”, zei een van de deelnemers na afloop. “Mogelijkheden waar je anders niet aan zou denken.”

In dialoog gaan prikkelt de verbeelding. Precies wat we nodig hebben om tot sociale veranderingen te komen. Het voedselsysteem moet veranderen en daar is politieke actie voor nodig. “Hoe kunnen wij ons politiek engageren?”, was de vraag die voorlag tijdens de workshop van Barbara Van Dyck (Coventry University). “Politiek actief zijn is bijdragen aan sociale verandering. En sociale verandering is vergelijkbaar met een zwerm spreeuwen die ingewikkelde figuren maken in de lucht. Elk van ons is zo’n spreeuw in de zwerm. We weten niet precies waar we naartoe gaan, maar samen maken we de beweging die zorgt voor verandering.”

 

Workshop politiek actief in de agro-ecologische beweging
© Michiel Devijver

 

Om tot sociale verandering te komen moeten we onze verbeelding aan het werk zetten en ons laten inspireren. Door het verhaal van Mahécor bijvoorbeeld. Hij is opgegroeid is in een grote Senegalese boerenfamilie. Vandaag past hij de Senegalese boerenwijsheid, die over de generaties heen werd doorgegeven, toe op zijn eigen bedrijf in het Pajottenland. Zijn fascinatie voor de bodem en de natuur werd hem met de paplepel ingelepeld. “Als ik mieren zie, loop ik eromheen en ik luister naar wat de vogels mij vertellen. Zo kan ik kwaliteitsvolle groenten telen!”

“Als ik mieren zie, loop ik eromheen en ik luister naar wat de vogels mij vertellen. Zo kan ik kwaliteitsvolle groenten telen!” - Mahécor Diouf

De keten kantelen

Inspiratie genoeg tijdens dit Kiemkrachtfestival vol getuigenissen die de kansen en mogelijkheden van agro-ecologie illustreren. Zoals het verhaal van Lien Vrijders, die de uitdaging is aangegaan om geen fossiele energie te gebruiken op haar boerderij, Grassroots, en alle oplossingen zoekt in het agrarische ecosysteem. Lien teelt op compostbedden en haar technologie beperkt zich tot hulpmiddelen zoals hark, woelvork en kruiwagen. Zo kan ze de kosten minimaliseren.

Of Elise van Broeckhoven van Plukboerderij Grondig. Ze liet een beeld zien van een boerin, helemaal alleen op haar veld, de aarde bloot, er groeit nog niets. En dan een ander beeld: diezelfde boerin, hetzelfde veld, maar nu vol groenten en omgeven door tientallen mannen, vrouwen en kinderen. “Dat is Community Shared Agriculture: landbouw gedragen door de gemeenschap. Onze klanten noemen we ‘deelnemers’. Ze betalen een abonnement waarmee ze een heel jaar mogen komen oogsten. Zo verdelen we de risico’s en staan we er niet alleen voor.”

“Dat is Community Shared Agriculture: landbouw gedragen door de gemeenschap. Zo verdelen we de risico’s en staan we er niet alleen voor.” - Elise van Broeckhoven

Ook Pomona doet beroep op de gemeenschap. “Alleen boeren is erg moeilijk”, vertelt Laura van Selm, coördinator van Pomona. “De landbouwinkomens zijn te laag en dan grijp je als boer gemakkelijk naar kunstmest en pesticiden om te produceren voor de veiling of de verwerkende industrie. Wil je dat veranderen, dan moet je de burger betrekken. Door samen te werken kantel je de keten.” Pomona helpt boerderijen omvormen tot coöperaties waar boeren en burgers samen aan het stuur staan.

Ook De Landgenoten werken samen met burgers. Ze kopen landbouwgrond om die voor altijd biologisch te laten bewerken. De boeren krijgen levenslange zekerheid dankzij een loopbaanpachtcontract. En ook de Zonnekouter dankt zijn succes aan samenwerking, tussen boeren onderling en tussen boeren en burgers. “Met de hulp van onze klanten hebben we onze grond kunnen vrijkopen. Onze afzet doen we samen met nog twee andere boerderijen met wie we een gezamenlijk teeltplan opstellen”, getuigt boerin An Verboven.

 

Zelf zaden telen om de agrobiodiversiteit te redden

Verbeelding typeert ook Greet Lambrecht van de Akelei die decennialange ervaring heeft met eigen zaadteelt. “Zaadveredeling is een langdurig creatief proces dat je samen met je gewassen aangaat. Dat doe je in interactie met het landbouwecosysteem en de noden van je bedrijf.”

Zaden zijn ons cultureel erfgoed. Vandaag staat een nieuwe generatie boeren te popelen om met eigen zaadteelt aan de slag te gaan. Daarom richtte Lambrecht samen met haar collega’s de vzw Vitale Rassen op die helpt om tuinderselecties op de markt te brengen. “Helaas maakt de overheid het ons niet gemakkelijk. Met de aankomende Europese zadenwet en bijhorende administratie dreigt het nog moeilijker te worden.”

En er is nog een andere bedreiging. Europa wil de regelgeving voor genetisch gemodificeerde gewassen versoepelen zodat gewassen afkomstig van nieuwe genetische technieken (NGT’s), zoals Crispr-CAS gemakkelijker toegang tot de markt krijgen. Wouter Vanhove (UGent) plaatst grote vraagtekens bij de wetenschappelijke onderbouwing van die nieuwe regelgeving. “Dergelijke technieken laten toe om snel een brede waaier aan nieuwe kenmerken in het DNA van een gewas te brengen. Dan is het toch logisch om de risico’s daarvan in kaart te brengen!”

Sommigen beweren dat NGT’s voor agro-ecologie een wondermiddel zouden zijn maar volgens Vanhove is dat een veel te enge benadering. “De kenmerken van een gewas zijn niet alleen maar afhankelijk van het genetisch materiaal. Een plant staat ook in relatie met zijn omgeving en dat heeft ook een grote impact.” Hij vreest dat NGT’s, die vooral in handen zijn van de grote multinationals, in de eerste plaats zullen bijdragen aan de verdere verschraling van onze agrobiodiversiteit.

Niets minder dan de geschiedenis van onze alledaagse banaan laat zien hoe fout het kan lopen als we de agrobiodiversiteit overboord gooien. Tot 1950 waren alle exportbananen ‘Gros Michel’. Een schimmelziekte vernielde deze variëteit waarna die werd vervangen door ‘Cavendish’. Ooit was ‘Cavendish’ resistent maar nu wordt hij bedreigd door een variant van de schimmelziekte. “Gaan we nu dezelfde fout maken door alleen maar te focussen op genetische verbetering?” vraagt Vanhove zich af. “We zouden beter veerkracht realiseren door werk te maken van bodembescherming en meer diversiteit in variëteiten te produceren. Niet de eenheidsworst die NGT’s met zich zullen meebrengen.”

Dat de bananenteelt erg vervuilend is, vernamen we eerder op de dag al. Zo zijn er tot zeventig besproeiingen met pesticiden per jaar nodig volgens Patricia Verbauwhede van Broederlijk Delen. En dat is niet alles. “Rond de vruchten hangen blauwe zakken die geïmpregneerd zijn met schimmelwerende producten die bij ons zelfs niet meer mogen gebruikt worden.” Dankzij het vele lobbywerk van onder andere Broederlijk Delen zal over enkele jaren een Belgisch exportverbod gelden. “De volgende stap is een exportverbod voor heel Europa.”

 

De toekomst is agro-ecologisch

Agro-ecologie heeft al een lange weg afgelegd. “In 2011 was de achterdocht nog groot”, zei Olivier De Schutter (UCLouvain) tijdens het slotdebat. “Toen vonden overheden agro-ecologie onvoldoende productief en moesten we nog uitleggen dat voedselonzekerheid niet ontstaat door een gebrek aan voedsel, maar omdat kleine boeren onvoldoende steun kregen. Vandaag krijgt agro-ecologie erkenning maar nu moeten we er over waken dat agro-ecologie niet verengd wordt tot alleen maar een milieuvriendelijke productiemethode. Het betekent ook dat we kleine producenten moeten versterken door samenwerking. Dat sociale luik wordt nog veel uit het oog verloren. Bovendien moet agro-ecologie uit zijn nichepositie geraken.”

En dat is wel degelijk mogelijk volgens Pablo Tittonell (Universiteit van Groningen). Hij baseert zich op zijn ervaringen in Brazilië, waar hij in sommige regio’s ziet dat tot 30% van de boeren agro-ecologisch tewerk gaat. “De agro-ecologische beweging is er sterk. Ze komen op voor een betere toegang tot grond voor kleine boeren. Er komt bovendien steun van het beleid: bij openbare aanbestedingen door scholen mag de kost 30% hoger zijn indien het voedsel lokaal en agro-ecologisch is.”

Er zijn er die ons willen doen geloven dat er geen alternatieven zijn en dat we genoodzaakt zijn om verder te gaan op het destructieve pad van het mondiale voedselsysteem. Een pad dat nefast is voor ons leefmilieu, onze boeren en onze toekomst. Kiemkracht heeft laten zien dat er wel degelijk alternatieven zijn en dat ze zelfs zeer talrijk zijn. Maar ze moeten van onderuit komen, van onszelf, van boeren en burgers.

"Onze beweging heeft de wind in de zeilen. Als burger hebben we alles in handen om het voedselsysteem te veranderen!” - Koen Wynants

“De crisissen die op ons afkomen, zijn gigantisch”, zei Koen Wynants van Commons Lab nog tijdens een van de workshops. “Maar crisissen bieden ook kansen. Onze beweging heeft de wind in de zeilen. Als burger hebben we alles in handen om het voedselsysteem te veranderen!”

 

workshop tijdens kiemkracht - deelnemers bundelen hun ideeën
© Michiel Devijver